De grootschalige winning van schaliegas, maakt de Verenigde Staten – weer – aantrekkelijk om te investeren in nieuwe installaties voor de productie van ethyleen en afgeleide basischemicaliën. De lage energieprijzen leiden bovendien tot investeringen in andere bedrijfstakken: een industriële renaissance waar ook de chemische industrie weer van profiteert.

 

‘Een paar jaar geleden zagen we al dat schaliegas een ‘game changer’ kon worden voor de chemische industrie in de Verenigde Staten’, vertelt John Baker, redacteur van het Britse tijdschrift ICIS Chemical Business. ‘Wat we niet hadden verwacht is dat er in zo korte tijd zulke hoeveelheden schaliegas op de markt zouden komen. Schaliegas maakt nu al een kwart uit van de totale hoeveelheid gas in de Verenigde Staten. En dat in een paar jaar tijd.’

 

Uit een online enquête die het blad afgelopen mei heeft gehouden en die door 750 mensen is ingevuld, blijkt dat de chemische industrie, zowel in de Verenigde Staten als in West-Europa en elders zich zeer wel bewust is van de effecten van schaliegas op de bedrijfstak. De enorme volumegroei leidt tot een sterke daling van de gasprijs, maar ook van die van ethaan, een belangrijke bouwsteen voor de chemische industrie. Baker: ‘Zeker een half dozijn petrochemische bedrijven heeft vergevorderde plannen en is voor een deel ook al bezig om de capaciteit van kraakinstallaties voor de omzetting van ethaan in ethyleen uit te breiden.’

 

Blijvend lage gasprijs

Begin augustus kondigde BHP Billiton aan dat het een kleine 2,5 miljard dollar moest afschrijven op zijn reserves aan schaliegas in de staat Arkansas. De kosten van winning bleken te hoog in verhouding tot de gasprijs. De aankondiging kwam te laat om nog een rol te spelen in de enquête, maar volgens Baker zijn dit soort bewegingen niet onoverkomelijk. ‘Mensen realiseren zich heel wel dat ook het gebruik van schaliegas als grondstof problemen met zich mee kan brengen. De overheersende trend tot nu toe is echter dat er een overvloedig aanbod aan gas is en dat de prijs daardoor ongekend laag is. Dat zien we ook terug in de enquête. Meer dan 90 procent van de respondenten verwacht dat de prijzen voor energie en grondstoffen laag blijft dankzij het schaliegas-effect.’

 

Export

Vanwege de dalende gasprijzen in eigen land willen de producenten van schaliegas hun product graag exporteren. Met name afnemers in China, maar ook elektriciteitsbedrijven in Europa hebben al belangstelling getoond. Twee bedrijven, Freeport LNG Development en Cheniere Energy willen beiden aan de Golf van Mexico een terminal bouwen voor het vloeibaar maken van aardgas. Opmerkelijk genoeg beschikken beide bedrijven ook over een installatie voor het aanlanden en omzetten van LNG in aardgas. ‘Van de kant van de afnemers, waaronder de chemische industrie, is echter een lobby op gang gekomen tegen de export van schaliegas’, vertelt Baker. ‘Ze zijn bang dat de export van gas zal leiden tot hogere gasprijzen in eigen land, waardoor hun – herwonnen – concurrentiekracht weer verdwijnt, of in ieder geval afneemt.’

 

Marges

De overvloedige beschikbaarheid van goedkoop gas heeft nog een ander effect, waar niet iedere deelnemer zich direct bewust van was, namelijk een forse daling van de kosten van energie. Niet alleen voor de chemische industrie maar ook voor andere energie-intensieve bedrijfstakken, zoals de papier-, glas- en staalindustrie. Baker: ‘Ook de klanten van de chemische industrie investeren weer in de Verenigde Staten en dat stimuleert de afzet van chemicaliën. Het mes snijdt dus aan twee kanten: grondstoffen en energie worden goedkoper en de afzet neemt toe.’

Een bijkomend voordeel is dat de afnemers van de chemische industrie in de Verenigde Staten innovatiever en meer ‘sophisticated’  zijn dan in China en India. ‘Aan de ene kant betekent dat, dat ze hogere eisen stellen aan de producten die geleverd worden, zegt Baker. ‘Maar aan de andere kant betekent het ook dat ze meer waarde weten toe te voegen aan de productie van de chemische industrie. Voor chemiebedrijven die in staat zijn om deze markten te bedienen zijn de winstmarges.’ Dat blijkt ook uit de enquête; voor bijna de helft van de ondervraagden is Noord-Amerika de regio met de hoogste winstmarges.

 

Renaissance

De industriële renaissance, zoals Baker het noemt, wordt niet alleen gevoed door de lage prijs van energie en grondstof. Uit de enquête blijkt dat ook de kosten van arbeid concurrerend zijn volgens bijna 90 procent van de deelnemers. Dat is beter dan China en India, waar de kosten van arbeid volgens 80 en 76 procent van de respondenten concurrerend zijn. En veel beter dan West-Europa dat slechts door iets meer dan 20 procent concurrerend werd geacht op dat vlak.

De vergelijking op arbeidskosten zal in de nabije toekomst nog meer in het voordeel van Noord-Amerika uitpakken, omdat, volgens de respondenten, de arbeidskosten waarschijnlijk gelijk zullen blijven of zelfs gaan dalen, terwijl ze in China en India sterk zullen stijgen. ‘De ‘spread’ wordt snel kleiner’, denkt Baker, ‘zeker als je de Verenigde Staten vergelijkt met de Chinese oostkust, waar de arbeidskosten al bijna op hetzelfde niveau liggen. Als je ook kijkt naar het hogere niveau van automatisering, dan denk ik dat investeringen die tot voor kort in Azië zouden zijn gedaan, nu in Noord-Amerika terechtkomen.’

 

Kader

GASLEK

 

‘We hebben nog geen signalen dat Europese Chemiebedrijven op grote schaal verhuizen naar de Verenigde Staten’, zegt William Garcia, Executive Director van Cefic in Brussel. ‘Maar die kans is zeker niet denkbeeldig. We praten veel over ‘carbon leakage’, de uittocht van bedrijven vanwege de kosten van deelname aan de CO2-emissiehandel, maar er is een substantieel risico dat bedrijven hun productie gaan verplaatsen vanwege de gasprijs, een ‘gas leakage’. Die ligt nu in de Verenigde Staten rond de 7 eurocent per kubieke meter, een niveau waarvoor we in Europa heel ver terug moeten gaan in de tijd.’ Momenteel ligt de prijs van aardgas in Europa rond de 47 eurocent per kubieke meter.

 

‘Een lage gasprijs maakt niet alleen de grondstoffen voor de chemische industrie goedkoper’, voegt Peter Botschek, Director Energy van Cefic eraan toe. ‘Ook de prijs van elektriciteit daalt en dat is interessant voor bijvoorbeeld de chloor-alkali bedrijven waar de elektriciteitskosten tot wel veertig procent van de productiekosten uitmaken. Ik neem aan dat die met meer dan gewone belangstelling de elektriciteitsprijzen in de Verenigde Staten in de gaten houden. Temeer omdat dankzij het CO2-beleid van de Europese Unie de elektriciteitsprijs bij ons juist gaat stijgen.’

 

Kyoto

Overigens merken Garcia en Botschek op, ziet het er naar uit dat de Verenigde Staten – hoewel ze het verdrag niet hebben ondertekend – de Kyoto-doelstellingen ruimschoots gaan halen. Volgens een bericht van Reuters van 31 augustus was de CO2-uitstoot in het eerste kwartaal op hetzelfde niveau als twintig jaar geleden, dankzij het feit dat veel kolencentrales worden omgebouwd op aardgas. Daardoor wordt per kilowattuur de helft minder CO2 uitgestoten. Garcia: ‘Zonder extra financiële lasten voor de industrie – integendeel zelfs, de lasten gaan omlaag – boeken de Verenigde Staten wat de uitstoot van CO2 betreft een beter resultaat dan de Europese Unie met al zijn regels en wetten.’

 

Moratorium

Afgaand op de effecten in de Verenigde Staten zou het natuurlijk mooi zijn als ook Europa zijn voorraden schaliegas zou gaan exploiteren. Afgezien van Polen en in mindere mate Groot-Brittannië gebeurt er echter weinig op dat vlak. ‘Sterker nog’, zegt Botschek, ‘in een aantal lidstaten, zoals Frankrijk en Duitsland, zijn zelfs exploratieboringen verboden. We moeten nog heel wat barrières slechten, voordat schaliegas ook in Europa een ‘game changer’ zal zijn voor de chemische en overige industrie.’

 

De grootste barrière is de maatschappelijke acceptatie, die in de Verenigde Staten veel groter is dan in Europa. ‘Niet in de laatste plaats’, denkt Garcia, ‘omdat de eigenaar van de grond daar ook eigenaar is van de bodemschatten. In geen enkel Europees land is dat het geval.’ Een bijkomende factor is dat de Verenigde Staten veel minder dicht bevolkt zijn dan de meeste Europese landen. Garcia: ‘Het maakt nogal een verschil of je een boortoren neerzet ergens in de oneindige maïsvelden van Ohio of in een buitenwijk van een middelgrote stad ergens in Duitsland.’

 

Naast de barrière van de maatschappelijke acceptatie zijn er ook nog enkele praktische belemmeringen die een snelle ontwikkeling van schaliegas in Europa in de weg staan. Ze beschikken de Verenigde Staten over veel meer boorcapaciteit in termen van installaties en mensen. En hoewel Europa over een aardig netwerk van buisleidingen voor chemicaliën beschikt, lopen de Verenigde Staten ook in dat opzicht voor op ons. Maar dat zijn praktische belemmeringen. Botschek: ‘Vooral het ontbreken van maatschappelijke acceptatie maakt dat de vooruitzichten voor schaliegas in Europa niet erg rooskleurig zijn.’

 

Gasmarkt

‘De enige uitweg’, aldus Garcia, ‘is dat er net als voor olie een wereldwijde gasmarkt ontstaat, zodat de verschillen in de gasprijs tussen de verschillende regio’s in de wereld niet te groot worden. Het probleem is alleen dat de Verenigde Staten tot nu toe categorisch weigeren om hun grondstoffen te exporteren. Hun beleid is erop gericht dat ze zelf waarde willen toevoegen aan hun producten. Het exporteren van LNG zou een van hun grondregels schenden.’

Desondanks neemt de druk van de gasproducenten om LNG te exporteren toe. Botschek: ‘Het zou goed zijn als de Europese Commissie het onderwerp hoog op de agenda zou zetten van de transatlantische besprekingen, want anders kan de schaliegaswinning in de Verenigde Staten ernstige gevolgen hebben voor de chemische industrie in Europa.’

 

Gepubliceerd in Chemiemagazine september 2012